Hoewel het begrip zeer moeilijk lerende kinderen een ingeburgerd begrip is, is het begrip zeer makkelijk lerende kinderen van recente datum. In haar proefschrift Gelijkheid troef in het Nederlandse basisonderwijs Onderzoek naar het onderwijs voor zeer makkelijk lerenden heeft W. de Heer dit begrip geïntroduceerd. Zij schrijft hierover het volgende.

In de schoolomgeving wordt gewoonlijk de in de psychologie gehanteerde classificatie bij IQ-scores lager dan 90 aangepast om aan te geven dat sprake is van een cognitieve achterstand. Bijvoorbeeld bij een score van 50-69 wordt gesproken over zeer moeilijk lerende kinderen in plaats van over kinderen met een licht intellectuele of verstandelijke beperking. Voor de betrokken leerlingen, ouders en schoolactoren blijkt het meerwaarde te hebben als de naamgeving aan de omgeving is aangepast. De situatie van het kind wordt verduidelijkt, zonder dat een bepaalde connotatie wordt meegegeven.Bij IQ-scores van 90 of hoger vindt deze aanpassing echter niet plaats. In haar onderzoek heeft De Heer de classificatie bij IQ-scores van 90 of hoger eveneens aangepast aan het gebruik in de schoolomgeving, resulterend in de volgende classificatie:

“Zeer moeilijk lerend             bij de score 50 – 69,

Moeilijk lerend                       bij de score 70 – 79,

Matig lerend                           bij de score 80 – 89,

Gemiddeld lerend                   bij de score 90 – 110,

Bovengemiddeld lerend         bij de score 111 – 120,

Makkelijk lerend                    bij de score 121-130 en

Zeer makkelijk lerend            bij de score hoger dan 130.”[1].

[1] Heer, W. de, Gelijkheid troef in het Nederlandse basisonderwijs Onderzoek naar het onderwijs voor zeer makkelijk lerenden, Ipskamp Printing, 2017, p. 388